top of page

"Ik moet eerder weg want mijn hond moet naar de kapper."

  • Foto van schrijver: Ina Commeene
    Ina Commeene
  • 16 okt 2025
  • 3 minuten om te lezen

Stel, je bent teamleider in het magazijn. De werkdag loopt op zijn eind. De laatste hand wordt gelegd aan het klaarzetten van de pallets gereed product die morgenvroeg worden opgehaald door de transporteur. Het ziet ernaar uit dat alles volgens plan gereed komt vandaag. Met nog een half uur te gaan, meldt een van je teamleden zich bij jou met de mededeling dat hij wat eerder weggaat, want dat hij met zijn hond naar de kapper moet.


Wat doe je?


a. Je reageert niet.

b. Je gaat akkoord.

c. Je gaat niet akkoord.


Wanneer doe je het goed?


Wat er veelal gebeurt, is dat er gekozen wordt voor de weg van de minste weerstand. Geen zin in gedoe en daarbij: de dag is bijna om; het werk is bijna klaar; we redden het ook wel zonder hem dat laatste halfuurtje; kan jou het schelen; de sfeer in het team was vandaag zo goed; deze medewerker heeft het thuis niet makkelijk; ik vind hem verder een toffe gast; ik draai zelf wel even mee etc. etc. Er zijn echt heel veel hele goede redenen te verzinnen om te kiezen voor b. Je gaat akkoord.


Tenminste, als je niet direct een verstoring van je eigen waardenpatroon ervaart. Het zou namelijk ook zomaar kunnen dat je een interne kortsluiting voelt omdat er helemaal geen vraag wordt gesteld, maar iets wordt meegedeeld. "Wie denkt hij wel dat hij is?!" Je zou je ook kunnen ergeren aan je eigen vaststelling dat het voor de medewerker een 'vanzelfsprekendheid' is om onder werktijd met zijn hond naar de kapper te gaan. Als je zelf geen hondenliefhebber bent of geen liefhebber bent van honden die regelmatig getrimd moeten worden, al helemaal natuurlijk. Je zou kunnen denken: "Tja, wat een waardeloze reden. Als je met je kind naar de dokter had gemoeten, had ik er nog begrip voor gehad!" Als je een taalpurist bent, had je ook kunnen denken: "Van wie of wat 'moet' dat dan." of "En wat dan als je datĀ nietĀ doet?" Alsof het iets is wat de beste man overkomt. Iets waar hij zelf niets (meer) aan kan doen. Een fenomeen waar hij zelf geen invloed op heeft. Net als zijn vorige vakantie die nu eenmaal al geboekt was voordat het vakantierooster klaar was. Terwijl je dit allemaal aan het afwegen en concluderen bent, zeg je... niets. Optie a dus. Voor het gemak gaan mensen die een toestemmingsvraag verpakken in een mededeling er dan ook maar gelijk vanuit dat ze jouw permissie hebben. Ook al hebben ze die eigenlijk niet gevraagd. Bruikbare overtuiging hierbij is: "Wie zwijgt, stemt toe."


Voor wie denkt: "Ach, wat een toestand, voor zo'n klein ding. Als ik me hier als teamleider al druk over moet maken, dan ken ik er nog wel een paar. Pff."Ā 


Waard u, waard u! Deze situatie vraagt om een behoedzame reactie in de context van het hele team, op de lange termijn. En misschien zelfs van de hele organisatie, op de hopelijk nog zo lang mogelijke termijn.


Je bent teamleider. Lees: Leider van een team. Vandaag, morgen en verder in de toekomst. Laten we het even simpel maken. Gewoon lekker zwart-wit: een half uur eerder weggaan dan de rest van het team is een afwijking op de standaard. De standaard is hier immers: we werken samen van 8.00 uur tot 17.00 uur.Ā 


In veel gevallen is het juiste antwoord c. Je gaat niet akkoord. Dit klinkt misschien op vandaag weinig flexibel, maar de teamleider en ik kwamen deze week op onderstaande overwegingen.


Iedere toestemming gaat verder dan alleen dit moment. Je schept een precedent. Je geeft een signaal af en de andere teamleden laten daar hun eigen interpretaties op los. Ook al zeggen (ook) zij daar misschien op dat moment niets over of geven ze aan de collega in kwestie zelf aan dat ze het prima vinden. Het gaat broeien. De perceptie van ongelijkheid binnen het team ligt op de loer. Teamleden krijgen het gevoel dat sommige collega's vaker uitzonderingen gegund krijgen. De overtuiging dat zij een voorkeurspositie innemen wordt met de dag sterker.


Nog even over die hond: "A dog is a man's best friend." Sommige medewerkers zijn (onbewust) uitermate vaardig in het benutten van de relationele sensitiviteit van hun leidinggevende. We hebben nu eenmaal de menselijke neiging omĀ likableĀ te zijn en we overschatten onszelf inzake het bestand zijn tegen vleierij. Op teamniveau werkt dit contraproductief.Ā 


Bij a en b zou het zomaar kunnen dat de fundamenten van binding, orde en balans in het team worden uitgehold. Eerst onzichtbaar in kleine uitzonderingen, later in hardnekkige patronen met merkwaardige symptomen.


Beware of the dog!



Ā 
Ā 
Ā 

Opmerkingen


bottom of page